ON THE SPOT | ASTRID MOORS
DIGITALE GELAAGDHEID OP DOEK
TEKST: LYDIA STRAVER
Vanuit haar atelier in de Schiecentrale, de Rotterdamse verzamelplaats voor audiovisuele kunstenaars, verkent zij de grenzen tussen audiovisueel en autonome schilderkunst. Bij beeldend kunstenaar Astrid Moors vullen acryl en pixels afwisselend, laag voor laag de ruimte op het doek. Soms monden deze werken uit in bewegende schilderijen, die de toeschouwer tot interactie uitdagen. Zij vertelt ons meer over haar fascinatie voor rasters en de leidende stappen in haar werk.
Waarom rasters?
"Het maken van structuren zit in mij. Ik kon dagen vullen met bijvoorbeeld het neerzetten van een laag cirkels in acryl op doek. In mijn schilderijen was ik altijd aan het ordenen. Naar mijn idee heb je in het leven sowiezo een bepaalde orde nodig om houvast te krijgen. Want pas als je een kader hebt, dan kun je daaruit ontsnappen. Structuur maakt andere lijnen vloeibaar. En het is een interessante voedingsbodem om subtiele toevoegingen als glans en mat zichtbaar te maken. Op dit moment zijn er geen echte rasters meer in mijn schilderijen te herkennen. Nu is het bijvoorbeeld een stapeling van stenen of een ritme van bloemen. Het is ondertussen meer een tool dan dat het de lading van mijn werkt dekt. Het is vaak letterlijk de achtergrond."
Van raster naar digitale media?
"Als je met rasters werkt, is de stap naar digitale media heel klein. Voordat ik kennismaakte met de digitale mogelijkheden liet ik in de copyschop van een dia een zwart-wit gerasterde kopie maken op sheet. Hierbij was ik altijd afhankelijk van hoe zij het raster instelden. Met digitale media ging er een wereld voor me open."
Hoe ga je te werk?
"In mijn schilderijen zit altijd een digitaal element. Meestal zoek ik op internet naar foto's bij het thema dat ik gedachten heb. Of ik maak zelf een foto. Als ik een foto heb gevonden die het juiste overbrengt, dan plaats ik de foto vergroot op doek. Waarover ik dan weer schilder. Het doek digitaliseer ik om er vervolgens in Photoshop verder in te werken. Het is eigenlijk een zoektocht waarbij het werk laag voor laag ontstaat. Er is continue wisselwerking tussen digitaal en schilderen." En toen kwam het element beweging.
Leg eens uit.?
"Schilderijen zijn statisch. Ik miste op een gegeven moment beweging en interactie. Dus ging ik een stap verder. R_u_sure?, het werk dat op Ranimatie en op de website Volkskrant Oog werd getoond, is een interactieve projectie op een schilderij. Het gaat over keuzemogelijkheden en moeilijkheden. De toeschouwer kan via een touchscreen telkens keuzes maken. Maar valt er eigenlijk wel iets te kiezen? En wat zijn de consequenties van je keuze?"
Je staat zelf vaak model voor je werk. Waarom?
"Omdat ik mezelf altijd bij de hand heb. Ik maakte een serie met uitdrukkingen van gemoedstoestanden. Dan kan ik een model uitnodigen en duidelijk proberen te maken hoe ze moet kijken, maar dat werkt niet altijd. Met het thema gemoedstoestanden ben ik trouwens zeker acht jaar bezig geweest. Het fascineerde me enorm."
Dus nu ben je zelf letterlijk te bewonderen op straat?
"Dat klopt. Voor de stichting Kunst in de Openbare Ruimte Bergen op Zoom maakte ik het kunstwerk 'Roddel en achterklap'. Dit zijn portretten op transformatorhuisjes die samenspraak verbeelden: ze fluisteren, luisteren en wijzen naar elkaar. En het model ben ik zelf. Het is trouwens niet zo dat mensen mij in mijn werk herkennen. Het gaat duidelijk om houding en emotie en niet zozeer om het hoofd."
Wat is je meest recente werk?
"Voor een middelbare school in Veghel heb ik net een opdracht afgerond. Dit zijn drie schilderijen met daarop bewegend beeld geprojecteerd. In dit beeld zitten dertienhonderd portretten van leerlingen en docenten van de school verwerkt die in willekeurige volgorde voorbij komen. De gezichten worden in één a twee minuten opgebouwd als lijntekeningen, waarna kort de foto van de persoon in beeld verschijnt. Het werk bestaat uit meer dan drie miljoen lijnen. Toen ik het op kwam leveren, zaten leerlingen er direct omheen. Waarop een jongen zei: 'Respect, dit is echt vet'. Aan het eind van elk schooljaar volgt trouwens weer een update: oude leerlingen eraf en nieuwe leerlingen erbij. Op dit moment maak ik een serie schilderijen genaamd RTFM (Read The Fucking Manual). Hierin zie je mensen wachtend op een bankje. Dat vind ik een spannende situatie. Eigenlijk gebeurt er niets, maar door dat te laten zien en een titel te geven, krijgt het opeens een verhaal. Of juist niet, dat is natuurlijk aan jezelf."
Hoe kwam je aan deze opdracht?
"Een architect stelde me voor bij deze school. Hem had ik aangesproken omdat ik dacht dat we weleens iets voor elkaar zouden kunnen betekenen. Ik haal ook opdrachten uit de BK informatie (Bulletin voor beeldende kunstenaars). Of ik bedenk mijn eigen opdracht en zoek daarbij een opdrachtgever."
Belemmerd het werken in opdracht niet?
"Ik vind de opdrachtenwereld wel fijn. Het is prettig om een tijdlang intensief aan iets te werken met een duidelijke deadline in zicht. En het hangt natuurlijk ook af wat met een opdrachtgever afspreekt. Ik kwam eens bij iemand die me een afbeelding liet zien met de mededeling: 'zoiets zou ik wel willen'. Toen was mijn antwoord: 'maar het idee is er al, dan hoef ik het toch niet meer te bedenken'. Vrijheid binnen een opdracht is een voorwaarde."
Hoe kunnen opdrachtgevers jou vinden?
"Je moet altijd zelf een lijntje uitleggen. Net zoals ik die architect zelf heb aangesproken. Als ik iets interessants zie, dan stuur ik een mailtje. Het blijft lastig, maar zodra je inzet wordt beloond met een opdracht geeft het een ontzettende kick."
Via het bekende netwerk dus?
"Daar komt het vaak wel op neer. Ik heb in het verleden ook een zakelijke training voor kunstenaars gevolgd. Hier moesten we een manier bedenken om ons publiek te bereiken. Ik maakte een nieuwsbrief. Dit heb ik daarna nog een tijd vrij frequent gedaan. Nu doe ik het nog, maar digitaal en alleen als er nieuws is. Bijvoorbeeld als een werk is opgeleverd of een opdracht voltooid. Voorheen zat ik bij een kunstenaarscollectief en dan hadden we elk jaar een expositie om naartoe te werken. Soms zit ik zó in mijn werk dat ik het netwerken vergeet. Zoals nu. Eigenlijk komt dit interview precies op het goede moment. Ik zag bij jullie op website het interview met die dame van ING, die moet ik misschien even mailen."

|